De opleiding verpleegkunde bestaat uit 5 modules, gespreid over 3 jaar. Na het behalen van elke module krijg je een deelcertificaat. Je kunt de opleiding na elke module onderbreken.
Met het deelcertificaat van module 1 en 2 op zak, kan je je laten registreren als zorgkundige. Als je module 3, 4 en 5 ook met succes doorloopt, ben je gegradueerde in de verpleegkunde. Wie bij de start van de opleiding wel de 2de graad van het secundair onderwijs heeft afgewerkt, maar nog geen diploma Secundair Onderwijs heeft, verwerft dit diploma automatisch na module 5.
Module 1 en 2 vormen de basis van de opleiding. Module 3 en 4 laten je proeven van 3 oriëntaties: algemene gezondheidszorg, geestelijke gezondheidszorg en ouderenzorg.
In module 5 maak je binnen de module “toegepaste verpleegkunde” je keuze uit één van de drie bovengenoemde werkvelden.
Je kan de opleiding tussen de modules onderbreken, en één of meer semesters later weer voortzetten.
Modulaire structuur
|
|
Benaming
|
Tijdsduur
|
|
Module 1
|
Inititatie in de verpleegkunde
|
18 weken (1 semester)
|
|
Module 2
|
Verpleegkundige basiszorg
|
18 weken (1 semester)
|
|
Module 3
|
Oriëntatie in de algemene gezondheidszorg
|
18 weken (1 semester)
|
|
Module 4
|
Oriëntatie in de ouderenzorg en geestelijke gezondheidszorg
|
18 weken (1 semester)
|
|
Module 5
|
Toegepaste verpleegkunde
(algemene gezondheidszorg of geestelijke gezondheidszorg of ouderenzorg)
|
36 weken (2 semesters)
|